Toekomstige artsen en verpleegkundigen leren samen

Samenwerken in de zorg staat in de spotlights. Geen enkele zorgverlener kan een patiënt in zijn eentje hulp bieden en slecht afgestemde zorg brengt de patiënt in gevaar. “Maar samenwerken moet je leren. Dat gaat beter als je al begint met samenwerken tijdens de studie”, aldus Cora Visser van Amsterdam UMC, locatie VUmc. Zij promoveert op 8 november op haar onderzoek naar interprofessioneel opleiden in de zorg.

06-11-2018 | 9:27

“Interprofessioneel leren is bedoeld om studenten van meer dan twee verschillende beroepen te laten leren met, van en over elkaar, om zo de samenwerking en kwaliteit van zorg te verbeteren. Zorgverleners worden in aparte opleidingen opgeleid en daardoor is het lastig om te zien wat andere disciplines bijdragen aan de zorg. Tijdens stages en coschappen komen studenten van verschillende opleidingen elkaar wél tegen, maar dat is te weinig, zo vindt promovenda Visser. “Dat is onvoldoende om de rollen, verantwoordelijkheden en redeneertrant van een ander beroep te beleven. Als artsen, verpleegkundigen en andere zorgverleners al tijdens hun studie leren samenwerken, zou dat de zorg kunnen verbeteren”, zo redeneert Visser, “In de zorg heeft iedere professie namelijk een eigen manier om de situatie van een patiënt te analyseren. Zo is bij artsen de analyse vaak gericht op de diagnosestelling, terwijl verpleegkundigen zich meer richten op de huidige situatie en de (praktische) problemen.”

Puzzel
Visser deed onderzoek bij twee afdelingen van een ziekenhuis waar studenten van vier beroepen samen de zorg hadden voor een aantal patiënten. De studenten gaven aan dat ze van elkaar niet wisten dat ze op een specifieke manier klinisch redeneren en dat het interprofessionele samenwerken hen veel geleerd heeft over hun eigen denkwijze en die van anderen. Waardoor ze ‘de puzzel die de patiënt vormt’ beter zien. 

Visser adviseert om interprofessioneel leren te integreren in twee trends die al in het geneeskundeonderwijs zichtbaar zijn: langere coschappen lopen en een patiënt volgen gedurende zijn hele zorgtraject. Een afdeling waar studenten van verschillende opleidingen in de zorg stage of coschap lopen, zou studenten gezamenlijk verantwoordelijk kunnen maken voor een aantal patiënten. Zo’n levensechte leersituatie motiveert studenten voor samenwerken als zij zich bekwaam en verantwoordelijk voelen voor de zorg en de studenten gestimuleerd worden als een team aan de slag te gaan met elkaar en met de begeleiders. Het bleek belangrijk voor het leren om de bespreking van patiënten een logische structuur te geven, zodat de invalshoeken van alle beroepen helder worden.

Delen
Uit de onderzoeksresultaten blijkt ook dat docenten en begeleiders van de verschillende zorgstudies een aantal begeleidingstaken kunnen delen. Visser: “Dat is een mooie bijkomstigheid. Als studenten begeleiding krijgen van een andere zorgverlener, komen ze in aanraking met andere zorgtaken. Zo kan bijvoorbeeld een lactatiedeskundige voorlichting en instructie geven aan studenten verpleegkunde, verloskunde én geneeskunde.”