“Ook nu wil ik zoveel mogelijk rendement halen uit de studiegroepen”

Hoewel hij nu lekker de hele dag op zijn Ugg-sloffen kan lopen, hoopt arts-docent bij de afdeling huisartsgeneeskunde en tutor Henk Jan Punt toch dat hij weer zo snel mogelijk fysiek contact heeft met zijn studenten. En niet alleen omdat zijn dochter van anderhalf ook noodgedwongen thuis was…

19-05-2020 | 8:24

Normaal gesproken komen hij en zijn studenten – hij heeft drie studiegroepen onder zijn hoede – twee keer per week samen voor een brainstormsessie en een presentatiesessie. Nu bestaat het onderwijscontact alleen nog maar uit Zoomsessies. “Dat was natuurlijk best een omschakeling”, zegt Henk Jan. “Tijdens de brainstormsessie bijvoorbeeld, waarin we studieopdrachten plenair bespreken en een casus uitdiepen, kun je normaal gesproken snel schakelen en op elkaar reageren. Dat kan niet via Zoom. Dan praat je een voor een. Hierdoor is het lastiger om tot verdieping te komen. Ook omdat de tijd beperkter is, aangezien je de twee uur die er voor staat anders moet benutten.” 

Orde 
Even met een oogwenk iemand bij de les houden terwijl een ander een presentatie geeft, is er nu ook niet bij. “Maar ik hou wel alle gezichten op het scherm nauwlettend in de gaten houden. Zie ik iemand afdwalen of giechelen omdat ie bijvoorbeeld een chat binnen krijgt op zijn telefoon, dan kan ik hem via de private-chatfunctie tot de orde roepen.”

Meer sturing voor houvast 
Door de sessies op een andere manier te begeleiden, probeert Henk Jan alles uit het vat te halen. “In principe is het de bedoeling dat studenten zelfsturend zijn en op eigen kracht vragen bedenken naar aanleiding van een casus. Nu stuur ik meer, onder andere door meer vragen uit de docentenhandleiding te stellen. Ik wil ook nu zoveel mogelijk rendement halen uit de studiegroepen, de ruggengraat van de opleiding. Zeker toen in het begin veel practica niet doorgingen. Door meer sturend te zijn doen de studenten toch de kennis op die ze nodig hebben en het geeft ze meer houvast. Maar er blijft genoeg ruimte voor het creatieve proces en eigen inbreng van de studenten.” 

Onzekerheid en onrust bij studenten 
Die houvast was sowieso iets waar studenten naar verlangden. Met name in het begin, toen nog veel onduidelijk was over hoe het online onderwijs zou worden vormgegeven, merkte Henk Jan veel onzekerheid bij de studenten. “Ik heb met alle studenten in het begin van de periode een individueel WhatsApp videogesprek gehad. Bij bijna allemaal heerste onrust over bijvoorbeeld de tentamens of hun zorgstages. Er werd een veel groter beroep op hun zelfstandigheid gedaan. Veel hadden het gevoel de controle te verliezen. Ik heb ze dan ook aangeraden vooral een goede planning te maken. Dat heeft voor de meesten, kreeg ik terug, goed geholpen.” 

Vinger aan de pols  
Naast studiebegeleider ben je als tutor vaak een eerste aanspreekpunt voor studenten die tegen (privé)problemen aanlopen en heb je een signaleringsfunctie. De deur van Henk Jan, of liever gezegd zijn mailbox, staat hiervoor altijd open, maar zonder fysiek contact pik je signalen soms minder snel op. Dat betekent dat Henk Jan ook de individuele tussenbeoordelingsgesprekken iets anders insteekt. Henk Jan: “Ik begin nu met te vragen ‘hoe gaat het met je’ en een open sfeer te creëren. Het gaat me niet alleen om de beoordeling, ik ben echt benieuwd hoe het met ze gaat en hoe ze zich staande houden. Vooral eerstejaars die net van de middelbare school kwamen, gaven aan zich overrompeld te voelen door alle omstandigheden. Je merkt, dat is inherent aan beginnende studenten, dat als het onderwijs vervalt, ze de neiging hebben om te gaan zitten afwachten. Hierdoor lopen ze snel achter de feiten aan en is het ineens ‘shit, hoe ga ik dit oplossen?’. Nu is de ene student natuurlijk de ander niet, maar de jongsten hebben duidelijk meer moeite met plannen en organiseren. Bij hen moet je dus echt goed vinger aan de pols houden als tutor.” 

Spiegelen 
“Daarnaast raad ik alle studenten aan vooral ook elkaar op te zoeken. Digitaal dus”, gaat Henk Jan verder. “Het is goed om te blijven spiegelen en te weten dat je niet alleen bent. Dat doen ze ook echt. Sommigen vertelden mij dat ze ook bij elkaar vinger aan de pols houden en er zijn verschillende chatgroepen, de ene hechter dan de ander natuurlijk.”

Pantoffels 
Hoewel hij ook onder digitale omstandigheden goed voeling houdt met zijn studenten, hij ze bij de les weet te houden, te motiveren en begeleiden en het met de meeste studenten ook nog eens heel goed gaat, heeft fysiek contact zijn voorkeur. “Het is voor de studenten vermoeiender en lastiger om je aandacht erbij te houden. Er zijn dus eigenlijk ook meer pauzes nodig. Wat verder prima is, ik vind ook dat studenten dat zelf moeten aangeven, maar het gaat wel ten koste van de tijd. En de volledige twee uur die ervoor staat heb je eigenlijk echt nodig. Bovendien ik vind het digitaal lesgeven eerlijk gezegd gewoon minder leuk. Je maakt bijvoorbeeld niet zo makkelijk een geintje tussendoor. We proberen wel af en toe van sfeer te veranderen hoor. We onderbreken de sessie bijvoorbeeld af en toe om even iets leuks te vertellen, over iemands nieuwe hond ofzo. En laatst hebben we allemaal onze pantoffels boven tafel gehaald. Want ja, ik durf het zonder gêne te zeggen, ook ik loop de laatste tijd alleen maar op m’n Ugg-pantoffels.”

Liever fysiek 
Dat het online onderwijs door corona een vlucht heeft genomen en dat we daar ook in de toekomst steeds meer gebruik van zullen maken, dat staat ook volgens Henk Jan buiten kijf. “De manier waarop we nu noodgedwongen creatief invulling geven aan onderwijs, dat gaat zeker zijn vruchten afwerpen.” Of dat ook voor de studiegroepen geldt, betwijfelt hij: “Ik denk dat het voor ons tutoren toch belangrijk is dat we fysieke bijeenkomsten hebben. Vooral vanwege het snel kunnen schakelen en het aanvoelen van studenten door bijvoorbeeld de non-verbale communicatie. Laten we alsjeblieft hopen dat we elkaar weer gauw fysiek zien, want ik mis de studenten echt!”