Master geneeskunde

Dokter worden met hoofd, hart en handen

Na de bacheloropleiding geneeskunde kun je starten met de driejarige masteropleiding geneeskunde, die voor het grootste deel uit coschappen bestaat. Deze coschappen loop je in VUmc, andere ziekenhuizen en in diverse extramurale instellingen. Ook is het mogelijk om coschappen te lopen in het buitenland. In een klinische context doe je niet enkel medische kennis op en leert deze toe te passen in de praktijk, maar oefen je ook de competenties die een arts nodig heeft; hierbij krijg je gerichte concrete feedback. 

In de masteropleiding staat het gefaseerd de praktijk in gaan centraal. Op deze manier kun je in alle drie de masterjaren onder de juiste begeleiding optimaal leren. 

De fasen zijn:

Voorbereidende fase: In het zesweekse Voorbereidend Coschap (VCP) train je, ter voorbereiding op de coschappen, algemene vaardigheden en voorbehouden handelingen. 
Coschappen: Tijdens de reguliere coschappen, die gedurende twee jaren doorlopen worden, ben je als coassistent lid van het (poli)klinisch behandelteam en voer je (onder supervisie) taken uit zoals anamnese en lichamelijk onderzoek. Voorafgaand vindt bij een aantal coschappen drie weken ‘klinisch trainingsonderwijs’ plaats als voorbereiding op het coschap. 
Profileringsfase: In het profileringsjaar doorloop je de semi-artsstage, het keuze-onderwijs en de wetenschappelijke stage, waarbij je zelf een keuze maakt voor de discipline waarin je de stages volgt. Je werkt tijdens de semi-artsstage steeds zelfstandiger en je krijgt, onder rechtstreekse supervisie van een staflid, een aantal eigen patiënten onder je hoede. 

Lees de brochure van VUmc School of Medical Sciences.